Het schommelingen in het hartritme

Deze maken het mogelijk het autonome zenuwstelsel te analyseren. De vraag is: Aan de hand van welke meetwaarde kan de functionele toestand van het autonome zenuwstelsel het efficiëntst worden geanalyseerd? De aandacht is hierbij nadrukkelijk op het hart gericht. Verandering van het hartritme is een universele reactie van het organisme als geheel op iedere willekeurige inwerking van omgevingsfactoren. De gemiddelde hartslag, die traditioneel wordt gemeten, weerspiegelt echter alleen het "eindeffect" van de talloze regulerende invloeden op het systeem van hart en bloedvaten. Twee mensen met dezelfde gemiddelde hartslag kunnen zich dus in een verschillende vegetatieve regulatietoestand bevinden. Dat wil zeggen dat aan dezelfde gemiddelde hartslag verschillende combinaties van activiteiten van de onderdelen van het systeem dat de vegetatieve homeostase aanstuurt, ten grondslag kunnen liggen.
Het hartritme resulteert uit het afwisselend aanspannen (links) en ontspannen (rechts) van de hartkamers.

Meer informatie hierover kan worden verkregen door meting van de hartslagvariabiliteit (HRV = heart rate variability), d.w.z. door bioregulatieanalyse (BRA). De hartslagvariabiliteit geeft aan in welke mate het tijdsinterval tussen twee hartslagen varieert. De bekendste vorm van hartslagvariabiliteit is de fysiologische respiratoire sinusaritmie. Hierbij treedt een verkorting van de duur van de cardiointervallen bij inademing en een verlenging van de duur van de cardio-intervallen bij uitademing op. Wanneer de respiratoire aritmie in het verloop van de curve domineert, d.w.z. wanneer de curve relatief grote onregelmatigheden vertoont, kan ervan worden uitgegaan dat het systeem zich in relatieve rust (bijv. slaap) bevindt, d.w.z. een minimum aan externe en interne prikkels ontvangt. Het systeem bevindt zich in parasympathicotonus.